terug naar best practices

“In Duitsland moet de kwaliteit van je product uitstekend zijn”

Als jonge ondernemer elke week op de Venlose markt verse groente en fruit aan de man brengen, met een hoge hoed op en een markante uitstraling: zo begon ooit de carrière van Wout van Eeuwijk. In 1993 richtte hij Mekkafoods op en onder zijn leiding groeide het bedrijf uit tot het huidige Pure Ingredients. Sinds 2000 heeft het bedrijf tevens een vestiging in het Duitse Kaldenkirchen, op een steenworp afstand van de Nederlandse vestiging in Venlo.

Foto: Wout van Eeuwijk

Pure Ingredients heeft zich gespecialiseerd in de productie van etenswaren uit diverse wereldkeukens en is marktleider op de halalmarkt, zo vertelt directeur Van Eeuwijk. Waarom besloot hij een vestiging in Duitsland op te zetten? “In Venlo groeiden we uit ons jasje, dus we wilden graag een tweede vestiging openen. Omdat we al veel klanten in Noordrijn-Westfalen hadden en we graag dichter bij deze klanten in de buurt wilden zitten, leek het ons een goed idee om deze tweede vestiging in Duitsland op te zetten”, legt Van Eeuwijk uit. “Ik ben in Kaldenkirchen in contact gekomen met de lokale Wirtschaftsförderungsgesellschaft. Zij hebben mij goed geholpen en uiteindelijk kon ik er al vrij snel grond kopen.“ Grote voordelen van de vestiging in Kaldenkirchen zijn volgens hem de ligging, direct aan de Autobahn, en de nabijheid van het spoor. Door de ligging ver buiten de bebouwde kom hoeft het bedrijf bovendien niet bang te zijn dat het geluidsoverlast veroorzaakt. “Daarnaast ben ik erg te spreken over de ondersteuning die ik vanuit de lokale overheden ontvangen heb. Ik kon altijd aankloppen met vragen”, aldus Van Eeuwijk.

Nederlanders en Duitsers vullen elkaar aan

Met in totaal ruim 210 werknemers heeft Van Eeuwijk een behoorlijke organisatie op weten te bouwen. Hoe verloopt de samenwerking tussen de Nederlandse en Duitse medewerkers? “Erg goed”, vindt Van Eeuwijk. “Er wordt hier Nederlands, Duits en Venloos dialect gesproken en iedereen begrijpt elkaar.” “Daar letten we ook op tijdens sollicitatiegesprekken, dat de sollicitant de andere taal in ieder geval verstaat”, vult Wil Janssen, financieel directeur, aan. “Dat vinden we erg belangrijk.” Janssen valt op dat de gemiddelde Nederlandse medewerker iets creatiever denkt, en dat de Duitse medewerkers wat meer binnen de gebaande paden blijven. “Maar Duitse medewerkers werken dan vaak weer iets ‘gründlicher’, dat is een groot voordeel”, volgens Van Eeuwijk. “Samen vullen de medewerkers van beide nationaliteiten elkaar goed aan.”

“Producten voor de Duitse markt zijn iets minder gekruid”

Zien Van Eeuwijk en Janssen verschillen tussen de smaak van de Nederlandse en de Duitse consument? “Jazeker”, zegt Janssen. “Door hun koloniale verleden zijn Nederlanders wat meer gewend aan kruidige gerechten. Duitsers vinden sommige van onze producten al snel te gekruid.” De recepturen van de producten die in Nederland en die in Duitsland worden verkocht, zijn dan ook verschillend: de producten voor de Duitse markt zijn iets minder sterk gekruid. Daarnaast zijn in beide landen andere producten geliefd, vertelt Van Eeuwijk: “In Duitsland loopt de cevapcici erg goed, in Nederland de Turkse pizza en de döner pizza. Dat ligt wederom echt aan het kruidenpakket.”

Kroketten en frikandellen in Duitsland 

Onder de paraplu van Pure Ingredients worden verschillende merken gevoerd: Lekker&Anders, Mekkafood én het Duitse merk Herrenhof, dat Nederlandse snacks verkoopt. “Vanuit winkels in de grensstreek kwam steeds vaker de vraag of wij niet ook Nederlandse snacks konden produceren”, legt van Eeuwijk uit. Duitsers uit de grensregio staken namelijk regelmatig de grens over en maakten in Nederland kennis met de frikandel, de bamischijf en de kaassoufflé. Zou het niet een gat in de markt zijn als deze snacks ook op de Duitse markt verkocht zouden kunnen worden? “Daarom zijn wij het merk Herrenhof gaan ontwikkelen”, zegt Van Eeuwijk. “Onze Herrenhof-producten worden nu in winkels tot circa 25 kilometer van de grens verkocht.” Veel verder heeft geen zin, vult Janssen aan: daar zijn mensen vaak al niet meer bekend met de Nederlandse snacks.

“Let op de hoogte van de Gewerbesteuer”

Wat zouden Van Eeuwijk en Janssen Nederlandse ondernemers, die een bedrijf willen oprichten in de regio Niederrhein, willen aanraden? Volgens Van Eeuwijk is het erg belangrijk dat je een uniek product hebt dat kwalitatief uitstekend is. “Het maakt niet uit of je voedingsmiddelenproducent of fabrikant van machines bent: de kwaliteit moet hier onovertroffen zijn. Men heeft daar in Duitsland veel kijk op. Kwaliteit en vakmanschap worden er echt gewaardeerd.” “En om echt succesvol te zijn is het beheersen van de Duitse taal essentieel. Engels wordt in geval van een uniek product misschien nog wel geaccepteerd, maar wanneer je een product hebt dat anderen ook hebben, moet je echt Duits spreken”, vult Janssen aan. “Bovendien heb je in bepaalde functies echt een Duitse medewerker nodig, die het land, de gebruiken en de taal kent.”

Daarnaast maakt het in Duitsland fiscaal gezien veel uit in welke gemeente je bedrijf gevestigd is: gemeentes mogen de hoogte van de zogenaamde ‘Gewerbesteuer’ namelijk zelf vastleggen. “Let daar dus goed op tijdens de zoektocht naar grond of een geschikt pand”, aldus Janssen. “Daarnaast is het belangrijk om het aantal potentiële arbeidskrachten in de gewenste vestigingsregio in het oog te houden.” En nog een laatste tip: “Je zult veel geduld moeten hebben: het kan lang duren voordat je de Duitse markt veroverd hebt. Maar zodra je dat voor elkaar hebt, zijn de Duitsers erg trouw. De markt is erg groot, dus er zijn ook veel kansen!”

Foto’s: Pure Ingredients